Bastaardzoon (manuscript)
Misschien is de immer aanwezige druk hem te veel geworden en wil hij daarom zo snel en ver mogelijk weg uit de Randstad. Om die reden zit de negenenveertigjarige fotograaf, Mart Wijnbeek, op deze warme zaterdagochtend in alle vroegte in de Intercity naar Maastricht. Zijn vermoeide gezicht toont een lichte stoppelbaard. Hij draagt een linnen reiskostuum, een zwarte polo en veterloze schoenen en heeft een kleine kunststof rolkoffer bij zich en een schoudertas met zijn laptop en camera. In zijn binnenzak voelt hij Manuels brief, haalt die tevoorschijn, werpt er een snelle blik op en stopt hem weer terug. Hij denkt aan de reden van zijn verblijf en het boek dat hij hier wil gaan schrijven; daarvoor zal hij eerst nog wat research moeten doen naar het verleden van zijn vader.

Columns, een dichtbundel en binnenkort een roman

Wat je niet kent, dat kun je niet weten
wat je niet weet, kun je nooit meer vergeten.

(uit :  Dementie/Luie Groente)

Middenin uitgaanswijk Palermo in Buenos Aires

Hier spelen de laatste hoofdstukken van Bastaardzoon (roman) en hoofdpersoon Mart zich af, tijdens zijn zoektocht naar het verborgen verleden van zijn vader.

Dichter bij Dordt (citaat) 

Nog huilt de kade tranen
van olie, roet of teer
ooit loste men hier schepen
ik zie ze nu niet meer.


(uit: Luie Groente)